To be continued (3)

Deel 3 is geschreven door Patricia Vlasman.
www.patriciavlasman.nl

Dan draai ik me om en begin te rennen. De lange gang door waar ik vandaan kwam. Aan het einde sla ik rechtsaf. In mijn haast glijdt de ceintuur van de badjas weg, en wappert de duster als een cape langs mijn lijf. Ik kom terecht in een soort van open ruimte. Het plafond is een grote glazen koepel waardoor zonlicht naar binnen valt. In het midden van het vertrek staat een enorme ronde tafel met stoelen. Het heeft veel weg van een congrescentrum. Mijn hart bonkt in mijn keel en angstig kijk ik om me heen. In de verte hoor ik rennende voetstappen dichterbij komen. Shit. Ik moet me ergens verstoppen. Ik kijk het vertrek rond en besef dat ik niet veel tijd meer heb voordat de man met de bijl achter me staat. Paniekerig speur ik rond tot mijn blik blijft hangen bij een enorme palm in pot. Er is niet veel anders waarachter ik me kan verschuilen en ik besluit de gok te wagen. Ik verschans me achter de aardewerken bak en maak me zo klein mogelijk. Een paar seconden later loopt de man het vertrek binnen. Zijn ademhaling klinkt zwaar en hij hoest. In zijn rechterhand zie ik de bijl glinsteren. Angstig trek ik mijn hoofd in. Vanuit zijn positie is het niet mogelijk om mij te zien. Hoop ik. Ik verroer me niet en durf amper te slikken. Geconcentreerd luister ik naar zijn voetstappen die echter plots tot stilstand komen. Mijn adem stokt in mijn keel en mijn ogen houd ik wijd open gesperd. Ik kan niet omhoog komen om te spieken waar de man zich ophoudt. Mijn onderbenen trillen van de gebukte houding waarin ik zit. Op het moment dat ik denk dat hij voor mijn neus zal staan, hoor ik zijn stem. ‘Met mij. Ik sta op afdeling B2 en hier is ze niet.’ Ik herken de donkere klank die ik gisteren aan de bar nog zo sexy vond. Kennelijk spreekt hij met iemand door zijn mobieltje. ‘Ja. Ik begrijp het. Nee… Goed. Waarschuw jij Gerrit? Ja. Ik loop richting C1 en als ik haar op weg daar naar toe al niet heb gevonden, dan loopt ze geheid tegen Gerrit aan. Nee ik begrijp het. Nee natuurlijk. Ze mag voor geen goud het kind vinden.’ Zweetdruppels kriebelen op mijn voorhoofd. Ik vermoed dat hij de omgeving nog goed afspeurt. Dan hoor ik hem weglopen. De echo van zijn voetstappen ebt geleidelijk weg. Pas als ik zeker weet dat hij niet terugkeert, durf ik mijn borst vol lucht te zuigen.

Ik wrijf het zweet van mijn voorhoofd. Ik laat me op mijn billen zakken en strek mijn benen voor me uit. Ze slapen van het te lang in een bepaalde houding zitten. Mijn voeten prikken alsof er duizenden accupunctuur naaldjes inzitten. Als ik mijn vochtige handpalmen aan de badjas wil afgeven, schrik ik van blauwe afdrukken om mijn polsen. Mijn god. Ik inspecteer de binnenkant en zie duidelijk de inkerving van iets straks. Handboeien! schiet in een flits door mijn hoofd. Vage flarden van de nacht openbaren zich. Van schrik verslik ik me en speeksel belandt in mijn verkeerde keelgat. Ik moet hevig hoesten. Mijn ogen branden en ik voel ze vollopen met traanvocht. Dan ontwaar ik in mijn linkeronderarm een rood knobbeltje. Ik wrijf erover en besef dat ik met een naald geprikt ben. Aan de grootte van de plek te zien vermoed ik zelfs dat er een infuus heeft ingezeten. Het duizelt me. Het feit dat ik niet helder ben en slechts gefragmenteerd beelden tot me krijg wil maar een ding zeggen, en dat is dat ik flink gedrogeerd ben geweest. Ze hebben me iets toegediend, maar wat? Ik besluit op te staan en wankelend trek ik me aan de rand van de bloempot omhoog. Schichtig blijf ik achter de exotische plant staan om er zeker van te zijn dat ik alleen ben. Dan loop ik naar de tafel in het midden van de kamer. Er zijn maar twee kanten die ik opkan, daar waar ik vandaan kwam en een gang waar de man met de bijl mogelijk is ingelopen. Maar dat weet ik niet zeker. Alhoewel, hij zei dat ie naar afdeling C zou gaan. Ik gok het erop. Ik neem de weg waar ik vandaan kwam. Naar alle waarschijnlijkheid denken ze toch dat ik de andere kant ben opgelopen en verwachten ze me niet terug. Ik ril en begin te klappertanden. De kou en de angst begint me parten te spelen. Ik wikkel de badjas strak om me heen en vouw mijn armen om mijn lichaam zodat ie niet openvalt. Op mijn blote voeten beweeg ik me richting de donkere gang totdat mijn oog valt op een beweging achter mij. Ik draai me met een ruk om en verwacht de roodzwart geblokte blouse van de man te zien, maar kijk recht in de ogen van een klein angstig kaalgeschoren kind. 

– to be continued –

Volgende week zondag volgt deel 4 ook weer geschreven door een gastschrijver. Wil je ook een deel schrijven? Laat het me weten!

Advertenties

9 Reacties op “To be continued (3)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s