Maandelijks archief: september 2011

Recensie Tsjik van Wolfgang Herrndorf

Tsjik – Wolfgang Herrndorf (verkrijgbaar vanaf 1 oktober 2011)

Roman

Waardering: ****

Uitgeverij Cossee

De achterflap:

Moeder in de ontwenningskliniek, vader met assistente op zakenreis: Maik Klingenberg zal de grote vakantie in zijn eentje doorbrengen bij het zwembad van de villa van zijn ouders. Maar dan duikt Tsjik op. Tsjik, die eigenlijk Andrej Tsjichatsjow heet, is niet bepaald een toonbeeld van integratie. Hij komt uit een van de aso-torenflats in Berlijn-Hellersdorf en heeft het op de een of andere manier tot het gymnasium weten te schoppen. Hij heeft een lichtblauwe Lada gescoord en daarmee begint een tocht zonder landkaart over het Duitse platteland in hartje zomer. Tsjik wil graag naar Walachije waar zijn opa woont, maar er is in de hele provincie Brandenburg geen enkele wegwijzer naar Walachije te vinden. Wat volgt, is een reis die zo grotesk, droevig, dramatisch en grappig is dat je geregeld niet meer verder kunt lezen van het lachen, maar evenmin kunt ophouden. In de lege wereld achter Berlijn is blijkbaar niemand echt in vakantiestemming. Niet de knappe Tatjana, op wier verjaardagsfeest zij niet uitgenodigd zijn, niet WO II veteraan Fricke die een uitstekende schutter is, niet de man aan de benzinepomp en helemaal niet het varken op de autosnelweg. Maik vertelt hun vakantieverhaal zonder opsmuk met het temperament van een veertienjarige, argeloos en wereldwijs. Tsjik is een hartverwarmende en hartverscheurende avonturenroman die maar een nadeel heeft: dat hij maar 288 bladzijden telt en dus veel te snel uit is. Maar zo gaat dat nu eenmaal met  verboden tochtjes in een gejatte auto.

De schrijver:

Wolfgang Herrndorf (Hamburg 1965) heeft gestudeerd aan de Academie voor Beeldende Kunst en naam gemaakt als striptekenaar. Zijn romandebuut In Plüschgewittern verscheen in 2002, gevolgd door een verhalenbundel die in 2008 met de Deutsche Erzählpreis bekroond werd. Tsjik staat na een jaar nog steeds op de Duitse bestsellerlijst, is onderscheiden met de Clemens Brentano Preis 2011 en verscheen in meer dan vijftien talen.

Tsjik:

Tsjik is een Thelma and Louise met twee 14 jarige jongens in
de hoofdrol, Tsjik  en Maik. Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Maik die maatschappelijk gezien uit een goed nest lijkt te komen, maar een zwembad in de tuin kan niet de emotionele verwaarlozing van zijn ouders goed maken. Tsjik is volgens zijn zeggen van Russische afkomst en zit sinds kort in dezelfde klas als Maik. Beiden vallen op hun eigen manier buiten de groep van populaire kinderen. Als Maik dan in de zomervakantie alleen thuis komt te zitten, omdat zijn ouders het te druk hebben met hun eigen problemen, is de keuze snel gemaakt om met Tsjik in een gestolen Lada door Duitsland te trekken. Op weg naar Walachije, maar hoe kom je daar zonder kaart? De rit die volgt is er een van het hilarische soort en wordt met veel vaart en humor neergezet door Hernndorf. Onderweg wordt de vriendschap tussen de jongens door alle gebeurtenissen bezegeld en wordt er eentje voor het leven.
Naast deze vriendschap spelen ook de verliefdheden van Maik een grote rol in
het verhaal. Daar hebben we Tatjana, het meisje van zijn dromen en voor wie hij
een tekening maakt van Beyonce voor haar verjaardag, alleen waar blijft die
uitnodiging voor dat superfeest? Onderweg ontmoeten de jongens Isa, die ze
tegenkomen op een vuilnisbelt en meer lijkt op een verwaarloosde bobcat. Het is een heerlijk boek dat leest als een trein en dat inderdaad veel te kort aandoet. Herrndorf is van huis uit een striptekenaar en wellicht dat die ervaring heeft bijgedragen aan  het vlotte taalgebruik, de korte zinnen en het talent om de karakters met een paar pennenstreken neer te zetten.

www.wolfgang-herrndorf.de

www.cossee.com

Recensie Skippy tussen de sterren van Paul Murray

Skippy tussen de sterren – Paul Murray

Roman

Waardering ****1/2

Uitgeverij Signatuur

2011

De achterflap:

Skippy tussen de sterren beschrijft één enkele catastrofale herfst op het internaat Seabrooks, gezien vanuit zo’n twintig verschillende uitgeschreven perspectieven: studenten, docenten, administratieve krachten, priesters, vriendinnetjes, en de manager van een donutwinkel.

In het centrum van alles staat Daniel Juster, bijnaam Skippy, wiens dood – in Ed’s Doughnut House, nadat hij nog net de naam van zijn vlam in frambozenvulling op de vloer heeft weten te schrijven – de opening vormt van de roman. Skippy tussen de sterren gaat vervolgens met flashbacks terug naar de maanden die eraan voorafgaan, maanden waarin de zwaarmoedige veertienjarige verliefd wordt, een gevecht wint, een geheim bewaart en de aandacht trekt van faculteitsleden die niet per se het beste met hem voor hebben.

Onderweg leren we Skippy’s vrienden en kwelgeesten kennen: Ruprecht, Skippy’s bolle, geniale kamergenoot die experimenten uitvoert om de snaartheorie te bewijzen; Dennis, een aarts-cynicus wiens dromen zelfs sarcastisch zijn; Carl, Skippy’s rivaal in de liefde en psychopaat-in-de-dop; Lori, het object van Skippy’s dromen, die geobsedeerd wordt door een Britney Spears-achtig muziekdelletje en haar dieetpillen verbergt in de buik van haar teddybeer; en Mario, lieve, domme Mario, wiens obsessie met seks vermoeiend zou worden als het niet de bron was van vele hilarische slaapkamergesprekken tussen de vrienden.

De schrijver:

Paul Murray (1975) is een jonge, Ierse auteur uit Dublin. Zijn eerste roman, An Evening of Long Goodbyes, werd genomineerd voor de Whitbread Award in 2003. Zijn tweede roman, Skippy dies (Skippy tussen de sterren), kwam op de longlist voor de Booker 2010 en stond hoog op talloze internationale ‘eindejaarslijstjes’.

Skippy tussen de sterren:

Skippy tussen de sterren speelt zich af op en rond een katholieke jongenskostschool in Ierland waar men er alles aan zal doen om de goede reputatie van de school te waarborgen. We krijgen te maken met een narcistisch schoolhoofd, vage paters, gefrustreerde pubers en dito leraren.

De hoofdrollen zijn weggelegd voor een groep klasgenoten met Skippy als middelpunt die in het begin van het boek komt te overlijden. De rest van het boek wordt gebruikt om de maanden die daaraan voorafgaan in beeld te brengen. De vriendengroep van Skippy bestaat o.a. uit Ruprecht, een genie dat niet begrepen wordt en die probeert in contact te komen met andere dimensies door allerlei vage apparatuur te bouwen, dit alles wordt met de nodige humor neergezet door Murray. Verder hebben we nog Mario, die zichzelf heeft uitgeroepen tot ladiesman, alleen weten de ladies dat niet. De ladies bevinden zich op een steenworp afstand in een soortgelijke school en setting. Wat uiteraard tot de verbeelding en rond gierende hormonen spreekt. Verder hebben we daar Carl, het type borderliner, een gevaarlijke en onbetrouwbare persoonlijkheid dat nog eens versterkt wordt door zijn drugsinname die eigenlijk bedoeld is voor de verkoop. Belangrijke bijrollen zijn er voor de dames. Zo is daar Lori, die door schade en schande leert zichzelf te worden en met name voor de nodige spanningen zorgt tussen Carl en Skippy.

Een andere hoofdrol is weggelegd voor Howard de lafaard, de geschiedenisleraar. Hij is een oud leerling en heeft net een mislukte carrière in de financiële sector achter zich gelaten. Daarom gaat hij terug naar de plek waar zich 10 jaar geleden een tragedie heeft voorgedaan waaraan hij zijn bijnaam heeft te danken. De reden waarom hij Howard de lafaard wordt genoemd komt tijdens het verhaal langzaam naar voren en dan begrijp je ook dat zijn leven in de ban is van schuldgevoel en waarom hij leeft alsof hij onder water zit, niet echt durft te voelen. Hij laat ons zien hoe moeilijk het is om jezelf trouw te blijven als de groep iets anders van je verwacht. Terwijl jezelf daardoor ten onder gaat en je het gelijk aan jouw kant lijkt te hebben staan. Wat houdt een mens tegen om te doen wat hij goed acht?

 
Murray weet ook heel goed te laten zien hoe vooroordelen ontstaan en daardoor ook alle gebeurtenissen in dat daglicht worden uitgelegd. Wat de vooroordelen alleen maar versterkt en uiteindelijk voor waarheid worden aangenomen. Daarnaast weet hij ook goed te laten zien hoe de self fulfilling prophecy werkt en hoe ontvankelijk je daarvoor bent als kind. Als je maar vaak genoeg verteld wordt dat je niet deugd, ga je je daar ook naar gedragen.
Mooi vind ik ook de verschillende perspectieven die je laten zien hoe intens de belevingswereld van een puber kan zijn en hoe intens ze als groep kunnen leven en hoe de rest van de wereld daar dan een beetje om heen draait.
Dit alles gecombineerd met een heerlijke directe schrijfstijl die afgewisseld wordt met mooie mijmeringen en een geweldig gevoel voor humor en je hebt een boek met karakters die je nog lang bijblijven. Dit is zo een boek dat je later in de boekenkast ziet staan, je het even er uithaalt en dat je dan meteen weer de hoofdpersonen en omgeving voor je ziet. Het enige nadeel is misschien dat het een beetje te dik is, maar dat vergeet je snel als je weer opgeslokt wordt door het verhaal. Kortom een heerlijk boek voor de lange donkere avonden die er aan komen.