Maandelijks archief: mei 2011

To be continued (14)

Deel 14 is geschreven door gastschrijver Irene.
http://pixelprinses.nl/

Ik stortte ter aarde. Volledig onbewust van de wereld om me heen liepen er mensen door mijn kamer, mijn huis. Ik leek het allemaal te kunnen zien, terwijl ik mijn lichaam daar zo in een vreemde houding zag liggen. Het leek of ik buiten mijn lichaam was getreden. Zo helder leek alles. Alleen leek men mijn stem niet te kunnen horen. Ik schreeuwde nog ter waarschuwing, maar niets hielp.

Plots werd mijn aandacht getrokken naar die nieuwe palmboom die ik onlangs ter decoratie van de huiskamer had aangeschaft. Het leek wel alsof de potgrond bewoog. En toen ik met een iets scherpere blik keek zag ik ze. Een vijftal kleine spinnetjes kroop uit de grote kleurige aardstenen pot. Ze leken een eigen leven te leiden.

Ik had het al zo vreemd gevonden dat er geluid was in de kamer zelfs als er volmaakte stilte zou moeten heersen. De stilte die ze tijdens deze zwangerschap zo nodig had gehad om zichzelf tot rust te manen. De piepgeluidjes waren zacht, maar ze kon nooit precies ontdekken waar ze vandaan kwamen.

Toen verscheen de grootste van alle kleine spinnetjes ten tonele en schrok ze van het gigantische kruis op de rug ervan. Een kruisspin. In haar huis.

Alle kleine spinnetjes liepen richting de in wit gestoken mensen en klommen tegen schoenen op, waarna ze de aanval op de huid inzetten. Eén voor één vielen de ambulancemedewerkers neer. Gestoken.

En ik kon niets doen. Ik lag daar
immers. Volledig levenloos…

- To be continued -

Mis het niet, binnenkort volgt het laatste deel, gescheven door een van de gastschrijvers die gruwelijk graag het eind wilde schrijven!

Wo sind die leute und die gemüse?

Dit jaar hebben we onze vakantie al achter de rug. Een weekje Duitsland, klinkt niet echt exotisch ik weet het maar het Hochsauerland is een mooi natuurgebied en niet zover rijden.  Aangezien dochterlief aangaf dat ze dit jaar niet meer mee wilde op vakantie met ons, wat natuurlijk best een beetje zeer deed, maar ook zo zijn voordelen heeft. Je hoeft niet meer in het hoogseizoen, dus goedkoper, dus lekker veel uit eten en op een terras neerploffen voor ijs of torte. Daar zijn ze daar namelijk dol op dus overal vind je het heerlijkste ijs en gebak en op vakantie denken we zeker even niet aan de lijn….

Of dochterlief ook niet meer mee wil als we weer naar Amerika of een van de andere mooie bestemmingen gaan waar we ooit zijn geweest durf ik niet te zeggen trouwens, maar dat zit er ff niet in, dus dat blijft gissen. Het is trouwens van beide kanten goed bevallen, iedereen vond het heerlijk rustig zonder elkaar :-) .

We hadden een huisje in een bekend park gehuurd, met veel korting was er een 6-persoons huisje te boeken, ietwat groot voor met z’n 2en + hond. Maar uiteindelijk wel lekker ruim en konden we beneden slapen. Goed voor de gewrichten van ons allen. We hadden een huisje uitgezocht helemaal aan de buitenkant van het park, mooi aan de bosrand, geen huisjes meer achter je dus lekker vrij! Aangezien je in de winter hier ook kunt skiën in dit gebied is het natuurlijk behoorlijk stijl en zaten wij natuurlijk op het hoogstepunt. Een hele geruststelling was dat daar ook het helikopterplatform was dus mocht ik met een hartaandoeninkje boven komen dan hadden ze me zo opgepikt. Maar nadat ik na de eerste beklimming het idee had aan het zuurstof te moeten is het steeds beter gegaan, nog een weekje langer en ik was huppelend naar boven gegaan….. 

Het was trouwens wel goed dat we een paar keer per dag flink aan de wandel en klim moesten want die porties eten in Duitsland hebben Amerikaanse afmetingen. Met dien verstande dat de schnitzel in Duitsland beter is en dat in de US de spareribs de voorkeur genieten, maar groenten hebben beiden een hekel aan. In Duitsland was het helemaal erg, af en toe kwamen we een blaadje sla tegen, onaangemaakt en deed mij meteen denken aan de uitspraak van de heer Kranenborg “Ik ben toch geen konijn?” Maar gelukkig is het daar ook asperge tijd en hebben we wel heerlijke spargel kunnen eten want daar heeft ieder restaurant zijn eigen menu voor samengesteld. Echter bestel je een schnitzel verwacht dan niet meer dan een schijfje citroen.

Naast het ontbreken van groenten ontbrak het ook aan mensen. De kleine dorpjes die er prachtig mooi en goed onderhouden uitzien lijken uitgestorven. Halverwege de week kreeg ik het idee door een filmset te rijden waar allemaal mooie props staan maar dat verder inhoudsloos aanvoelt. Ook kon ik nergens bedrijventerreinen ontdekken of kantoren, wel veel koeien in de wei. Dus er wordt wel wat geboerd daar, maar verder geen levend wezen te bekennen. Wij bedachten dat ze misschien allemaal aan het werk waren in de grotere steden. In het weekend zouden we wel kennismaken met de dorpsgenoten leek ons zo. Maar ook op zondag met een prachtige zon geen mens te bekennen. Prachtige speeltuinen voor/naast/achter huizen, die niet onderdoen voor de openbare speeltuintjes, blijven ook onaangeroerd, zelfs de wind speelt niet met de schommels. Af en toe hoor je wel een geluid, wordt er gepraat of gelachen, maar dat komt uit een bovenlichtje dat openstaat en de gordijnen bij de overigens kleine raampjes potdicht zitten. ‘s Avonds hebben we wel een enkeling naar buiten zien komen toen we voor de ijssalon zaten met overigens een belachelijk groot ijsje voor een belachelijk lage prijs. Manlief en ik keken elkaar bij het afrekenen echt aan van dat klopt niet. De verbazing was ook van onze gezichten af te lezen maar de Italiaanse ijsman gaf geen krimp. Toen hebben we een meisje in een Golfje zien langskomen en uitstappen voor een milkshake en nog een man in een foeilelijke Mercedes die met een teiltje ijs naar buiten kwam.   

Het was een heerlijk weekje, met lekker vlees, veel boeken, natuurschoon en rust met hier en daar een Amerikaanse touch en dat op 4 uur rijden!

To be continued (13)

Deel 13 is geschreven door gastschrijver Nancy Rogier.
http://cytje.wordpress.com/

Zachtjes wrijf ik over mijn bolle, strak gespannen buik.

Morgen zal niets nog hetzelfde zijn, morgen houd ik mijn kindje in mijn armen. Ik trek de lade open van de babycommode en kijk vertederd naar de piepkleine rompertjes, pyamaatjes en sokjes. Alles ligt meer dan klaar, ik draai me om en laat mijn vingers glijden over het gladde witte hout van de wieg. Ik kan het nog steeds niet bevatten dat hier straks een mensje zal slapen.

Naast ongeduld en spanning voel ik ook een soort knagende onrust, zelfs angst voor wat komen zal.

Resoluut trek ik de rits dicht van mijn weekendtas, morgen om 9 uur word ik verwacht in het ziekenhuis.

Het wordt een keizersnede. De baby ligt in stuit en is bovendien groter dan gemiddeld. Niks om me zorgen over te maken volgens de gyneacoloog, we krijgen een gezonde zoon volgens de laatste echografie. Natuurlijk bevallen is in mijn geval niet aan te raden.

Ik schrik als de bel gaat, Flux loopt kwispelend naar de voordeur, zou Evert zijn sleutels vergeten zijn?

Niet van zijn gewoonte bedenk ik me als ik de deur openmaak.

Het is niet Evert die me staat aan te kijken, maar Rosa, Rosa uit mijn nachtmerrie. Dit kan niet, ik sluit één tel mijn ogen, voel het bloed in mijn oren suizen. Het kaalgeschoren meisje kijkt me aan met priemende ogen om vervolgens haar blik te laten rusten op mijn buik.

‘Het is tijd’, haar stemmetje klinkt vastberaden.

In een impuls sla ik de voordeur met een klap dicht, in volle paniek been ik naar de woonkamer.Waar ligt mijn mobieltje, Evert, waar blijf je, waar ben je, denk ik wanhopig. Met bibberende vingers toets ik het nummer in van mijn man, er schiet van alles door mijn hoofd, het was geen nachtmerrie, het was geen enge droom.

Ineens weet ik het weer, het treft me als een donderslag bij heldere hemel, het lijkt alsof een poortje ineens traag opengaat in mijn geheugen, er is geen houden meer aan. In flarden krijg ik allerlei beelden binnen, het zweet breekt me uit.

Ik hoor de voordeur opengaan, laat uit schrik het mobieltje uit mijn handen vallen, sprint naar de keuken en doe vliegensvlug de deur achter me dicht. Ik ben buiten adem, de baby schopt heftig tegen mijn blaas en ik krimp ineen van de pijn, de vreemde lege blik van Rosa voorspelt niks goeds en kind of niet, ik besef plots dat mijn baby en ik in groot gevaar verkeren.

“Ellen, waar ben je?”, mijn God, tranen biggelen over mijn wangen, het is Evert, Evert is er, opgelucht duw ik met trillende hand de deurklink naar omlaag en duw ik zachtjes de deur open, “Hier, Evert” , mijn stem is schor en ik snik de woorden uit.

Evert staat voor me, ik sla mijn armen om hem heen, duw mijn hoofd tegen zijn schouder en huil zachtjes, hij streelt teder mijn rug, “Rustig aan, lieverd, denk aan de baby, alles komt goed, heus, werk maar gewoon mee.”

Langzaam dringen zijn laatste vier woorden tot me door en vooraleer de betekenis ervan ten volle tot me doordringt voel ik een venijnig prikje in mijn nek.

- To be continued -

Deel 14 zal ook weer een gastschrijver worden geschreven, wil jij ook (nog) een deel schrijven? Laat het me weten!

To be continued (12)

Deel 12 is geschreven door gastschrijver Sander Vrugt van Keulen. http://www.CoachSander.nl

Awakening

De druk op mijn blaas is ondertussen onhoudbaar geworden, ik moét nú plassen! Dan maar in die donkere hoek naast de kast. Jasses wat vies! Ik voel dat mijn wangen zich kleuren van schaamte…

Op mijn hurken in de hoek voel ik het warme vocht langs mijn blote voeten lopen. Tegelijkertijd kijk ik naar de tafels met daarop de dode vrouwen en probeer na te denken. Wat was dit, waar ben ik, wat moeten ze van mij?  Waarom ben ik hier?

Terwijl het tot mij doordringt dat ik wel erg lang aan het plassen ben voel ik mij zweverig worden… Nadenken wordt ineens moeilijker. Zou ik… Wat… Oh nee! Ik ben mijn bewustzijn aan het verliezen! Is het geen urine maar bloed? Ik kijk naar beneden, maar in het halfdonker zie ik tussen mijn benen wel vocht liggen op de vloer, maar kan niet zien welke kleur het is…

Steeds heftiger maakt een paniek zich van mij meester; ik voel mijn lichaam steeds lomer en langzamer worden terwijl mijn hersenen in overdrive gaan. Wat als er nu ineens iemand binnenkomt, dan kan ik mij niet verweren! Als ik zo meteen val dan wordt mijn ochtendjas vies van de urine of het bloed of wat het ook is…

De heftige golven van paniek worden langzaam minder… zachtjes kabbelend… alle angst verdwijnt.

Als een zonnestraal door donkere wolken komt er rust over mij heen. Kalmte. Bedaardheid. Aanvaarding.

‘k Begrijp er helemaal niets van, maar het is heerlijk. Zo vredig. Mooi. Hier wil ik wel zijn. Hier wil ik wel blijven…

In de verte hoor ik een stem, heel ver weg. Een prettige mannenstem.

“Ellen” “Ellen” Ik hoor mijn naam, heel ver weg, maar het is net alsof ik die niet ken. Terwijl ik weet dat het mijn naam is. Mijn ogenleden lijken vastgeplakt, ik moet al mijn wilskracht inzetten.

Met het opendoen van m’n ogen merk ik dat het hier lekker ruikt en aangenaam warm voelt, niet koud en onaangenaam als waar ik vandaan kom. Ik knipper met mijn ogen. Ondanks het gedimde licht hebben mijn ogen moeite om te zien.

De stem die mijn naam roept hoor ik steeds beter. Ik probeer zijn richting in te kijken, te zien wie dat is en waar ik ben.

“Hallo Ellen. Fijn dat je er weer bent. ‘k Maakte mij zo’n zorgen over je. Hoe voel jij je?” De toon en boodschap van de stem, ik kan hem nog steeds niet goed onderscheiden, zijn zo in contrast met alles wat ik heb meegemaakt dat het mij in verwarring brengt.

De gedaante van de man begin ik te onderscheiden; het lijkt wel alsof hij een aureool van licht heeft, de gedachte ‘Ik ben toch niet in de hemel?’ schiet door mij heen. Nee, er staat gewoon een lamp achter hem. Steeds beter zie ik zijn gezicht. Een lief en aangenaam gezicht, hij glimlacht naar mij.

“Dag Ellen. Je was buiten bewustzijn Ellen. Het leek wel alsof je in grote paniek was, maar nou is alles goed en oké. Je bent weer terug, alles is over. Je maakt mij zo blij”

Ik kijk om mij heen en zie dat ik in een hele moderne ziekenhuiskamer lig. Het lijkt bijna wel een hotelkamer, maar aan het voeteneind van m’n bed kan ik zien dat het toch een ziekenhuis moet zijn. Kijkend naar het voeteneind zie ik dat er een hele grote bult onder de dekens zit. WAT? Is dat mijn buik? Ben ik zwanger?

In verwarring kijk ik naar de man naast mij “Ben ik zwanger? Waar ben ik, wat is er gebeurd?”

“Oh Ellen, ik ben zo blij je stem weer te horen! Ja, bent zwanger van ons kindje…” Hoewel de boodschap mij heel erg verward, is de stem zo aangenaam en herkenbaar dat het absoluut niet beangstigend is. “Vertel mij meer, ik kan mij niets herinneren!”

De aardige aangename man begint te vertellen over wat er de afgelopen maanden allemaal gebeurd is. Met mij, met hem, met ons kindje. Met groeiende verbazing hoor ik zijn verhaal. Waarom weet ik dit allemaal niet?

-        To be continued –

 Volgende week zondag het vervolg! Wil je ook een deel schrijven? Laat het me weten!

To be continued (11)

Deel 11 is geschreven door gastschrijver Terrence Weijnschenk. http://www.terrebel.nl

“Ik zal blij zijn als je straks die zwarte kleurspoeling uit je haar hebt gewassen. Ik begrijp dat het nodig was om haar te misleiden maar het staat je echt niet”, zei de vrouw.
“Ja, ja”, zei hij geërgerd. “Kunnen we dan nu weer even terug naar het onderwerp?”

Ze keken toe hoe de vrouw als een gekooide tijger wanhopig op zoek ging naar een uitweg uit haar benarde situatie en wisten dat het niet lang meer zou duren voor zij zou breken.

De twee andere mannen observeerden het stel en één van hen sprak aantekeningen in in een memorecorder. Voor later. Intussen keek zijn maat gebiologeerd toe terwijl hij speelde met een object in zijn broekzak.

“Briljante zet, trouwens, die truc met dat hondje!” doorbrak de vrouw de ontstane stilte.
“Dankjewel”, zei haar zwartharige partner afgemeten. “En wil je dan nu alsjeblieft eventjes je mond houden zodat ik van dit moment kan genieten?”

Hij keert zich om naar een machine in de hoek van de kamer en draait aan een knop. Heel even valt het licht van een bureaulamp op het metalen plaatje op de borst van zijn overall. Het onthult een symbool van drie in elkaar grijpende cirkels.

—————

Zou ik Flux kunnen volgen door dat gat in de muur? Ik probeer het niet eens want ik weet bij voorbaat al dat een ontsnappingspoging gedoemd is te mislukken. Hebben zij mij dan toch weten klein te krijgen? En wat hebben die drugs met mij gedaan? Speelt mijn eigen geest nu met mij en dacht ik alleen maar dat ik mijn hondje zag? Het gat in de muur is nu ook opeens verdwenen dus ik moet het mij wel verbeeld hebben. Het is vast de combinatie van slaaptekort, de drugs en de stress. Ja, dat moet het zijn!

Ik sta nu weer met beide benen op de grond en kan weer een beetje helder nadenken. “Prioriteiten stellen”, zeiden ze op de cursus. Goed idee. Dat moet ik nu doen. “Als een probleem te groot is om te bevatten, hak het dan in stukjes met een gefantaseerde bijl. Focus op de zilveren kabel tussen jou en het probleem en hak er op los!” of zoiets. Ik had vast die man in die oranje jurk op de gelukscursus verkeerd begrepen. Maar ik wist zeker dat het te maken had met een zilveren kabel en een probleem stukje bij beetje aanpakken.

Ik hou het nu echt niet meer en voel dat ik mijn blaas moet legen. Maar de ruimte is kaal. Op de vier tafels na met daarop de dode vrouwen. Ook staat er tegen de muur een apparaat te zoemen met erbovenop een homp klei die qua vorm wel iets weg heeft van een dode forel. Maar geen toiletpot te bekennen. Er staat nog geen èmmer! Ze verwachten toch niet…?

Ik probeer nog even de deurklnk van de deur die naar deze kamer leidde. Uiteraard tevergeefs. De moed zakt mij weer langzaam in de schoenen. Die – als ik niet oppas – zich straks zullen vullen met mijn eigen urine. Verbaasd kijk ik naar mijn voeten: waar zijn mijn schoenen? Ik haal een paar keer diep adem en probeer mij de gebeurtenissen langzaam voor de geest te halen. Goed, mijn schoenen waren dus weg en onder een oude badjas was ik verder compleet naakt. Maar wat was het doel van dit alles? En waarom ik? En wie waren die dode vrouwen? En waar was Flux?

Teveel vragen. Eerst was er een probleem dat ik in de hand had. Dat ik zelfs vrij gemakkelijk kon oplossen; vind een plek om te plassen want de nood is nu wel héél hoog.

—————

“Weet jij waarom zij nu kleine rondjes loopt met haar benen in een x-vorm?” vroeg de man. De andere mannen keken verwachtingsvol naar hun vrouwlijke teamlid in de hoop dat die het antwoord wist op deze vraag. Zij was duidelijk de slimste van het stel want na enig nadenken zei ze: “Ik denk dat het iets te maken heeft met die rare zak die wij bij hen allemaal in hun binnenste vonden. Die leek gevuld te zijn met vloeibare afvalstoffen van hun lichaam. Ik vroeg mij al af hoe die stoffen werden afgebroken maar nu denk ik dat die gewoon worden afgevoerd. Het kan bijna niet anders of er vormt zich dan een grote plas op de vloer. Dat had ik nou nooit gedacht!”

De anderen raakten enthousiast van die woorden en probeerden zich voor te stellen hoe het eruit zou zien, dat menselijk verlies van vloeistof. Ze begonnen door elkaar heen te kakelen met ieder hun eigen idee van wat er precies zou gebeuren met hun proefpersoon. “Plas! Plas! Plasje grote plas!” riep de kleinste van hen voortdurend; een grote grijns van pure pret op het gezicht.

Natuurlijk zouden zij zich aan het protocol moeten houden en onderzoeken of deze vrouwen geschikt waren om hun soort voor uitsterven te behoeden. Maar betekende dat dan dat zij niet zo af en toe een pleziertje mochten hebben? Okee, ze speelden graag spelletjes maar was dat nu heus zo erg?

Van hen werd verwacht dat zij dag en nacht op hun kamer zouden zijn. Maar nu waren zij hier en zij waren vastbesloten zich hun enige pretje van dit jaar niet te laten ontnemen. Wat de gevolgen ook mochten zijn. En zeker nu zij de schrijfster van al die artikelen over zwangerschap zélf te pakken hadden. Dit was een buitenkansje! Zij hadden ook al een tijdje hun “pijnstillers”, zoals zij hun medicatie noemden, niet ingenomen. Terwijl zij die eigenlijk wel moesten nemen om enigszins gezond te blijven. Zij waren al jarenlang gewend om gestraft te worden dus wat kon hen nu gebeuren?

De deur van de observatieruimte zwaaide met kracht open en geschrokken staarde het viertal naar de figuur in de deuropening.

- To be continued -

Volgende week zondag volgt deel 12 geschreven door een gastschrijver. Wil je ook een eigen wending geven aan het verhaal? Laat het me weten!